Jeanine & Souvenir

Dag 6, 27 januari


Mijn besluit staat vast. Vandaag verhuis ik. Naar waar, dat weet ik nog niet maar dat ik weg ga, dat weet ik wel. De zware regenbui houdt me voorlopig in het klooster gevangen dus ik zet me op een trapje onder een afdak met een boek. Van lezen komt er niet veel in huis want ik krijg snel gezelschap. Een schuchter meisje met een afgewassen t-shirtje zet zich enkele meters verder en neemt me aandachtig op. Mijn lach wordt beantwoord. Mijn groet en een vraag naar haar naam – nitkwande? - ook. Lévine heet ze. Na 3 woorden is mijn parate kennis van het Rwandees al opgebruikt en ik ken enkel haar naam. Ik haal mijn schriftje met mijn notities van de Rwandese les en probeer een en ander uit. Ik stel mezelf voor en oefen enkele zinnen. Ze moet er om lachen. Blijkbaar is mijn uitspraak niet zo vlekkeloos als ik dacht.. Lévine verovert een plekje in mijn hart en ik vraag of ik een foto mag maken. Dat mag. De lucht klaart op. En we gaan ieder onze weg.

In de namiddag ga ik een kamer bezichtigen. Het is een kast van een huis met een hoge muur rond en een grote poort. Op de muur een dikke rol prikkeldraad. Lijkt een beetje op de Amerikaanse Ambassade. Eén van de meisjes geeft mij een korte rondleiding maar de If-you-cook-you-can-leave-the-dishes-because-our-houseboy-will-do-them-stijl is niet mijn stijl. Ik bezoek nog een guesthouse en een pastoraal centrum maar mijn besluit is eigenlijk al lang genomen. Ik ga naar Jeanine. Op weg naar het klooster ontmoet ik Fidèle: een grote slungelachtige jongen met een glimlach van het ene oor naar het andere. Yes. Dat had ik nodig.

Mijn ordelijke zelf verliest het van mijn enthousiaste zelf en in een mum van tijd zijn mijn valiezen en ikzelf vertrekkensklaar. Ik bel Jeanine om te zeggen dat ik onderweg ben. Bij aankomst staat mijn ontbijt al klaar.


Dag 11, 1 februari

 

Heroes Day. Rwanda eerst zijn helden en heldinnen. Mensen die voor hun land(genoten) gestorven zijn. Voor mij is het een vakantiedagje en dat kan ik best gebruiken na mijn eerste werkweek. Elke dag moet ik om 6u mijn bed. Samen met Justin en Innocent sta ik om 7u \'s morgens paraat aan de bushalte. Het eerste deel van de rit heeft iedereen meer dan plaats genoeg. Maar de laatste opstapplaats is de populairste. Wanneer de 15 plaatsen al ingenomen zijn moeten er nog 6 mensen bij. \'t Is duwen en proppen maar iedereen raakt aan boord en zo hijsen we ons een weg naar boven. Op de afdeling gaat het er helemaal anders aan toe dan op De Kaap, de dienst voor kinderpsychiatrie waar ik 6 jaar gewerkt heb. Minder structuur, minder georganiseerde activiteiten, veel meer volk op dienst (psychiatrisch verpleegkundigen, algemeen verpleegkundigen, zorgkundigen, een zuster, een klusjesman, 2 mama\'s van 2 patiënten en mijzelve). Ook veel meer huiselijkheid. De mama\'s staan kleren te wassen, koken maïskolven op houtvuurtjes, de kindjes kijken tv of hangen wat rond. \'t Is moeilijk om mijn weg en plaats te vinden. Ik zou het vaak anders aanpakken. De taal is een grote barrière want slechts enkelen van de verpleegkundigen spreken Frans of Engels en daardoor word ik niet in alles betrokken. De guitigaard zonder voortanden en ik zijn al dikke vrienden. Wij hebben geen woorden nodig. Tijdens de film schuifelt hij onopvallend dichterbij. En tijdens het eten spelen we het spelletje om-ter-langst-serieus-blijven. Hij verliest iedere keer omdat ik gekke snuiten trek. Van het Amerikaans koppel in mijn guesthouse had ik 8 knuffelbeertjes meegekregen om uit te delen. Souvenir kiest een oranje beer en die vergezelt hem overal. De beer op de schommel en Souvenir maar duwen. De beer op de zitjes van de molen en Souvenir maar draaien. Het ondervoede meisje Sylvie heeft een klein knuffelpaardje gekozen. Het is al helemaal afgezabberd en vuil. Zo hoort het.


Halleluja! Halleluuujah!! In het evangelisch centrum naast het guesthouse is al 3 uur een viering aan de gang. Wegens enkel muggengaas in het bovenste deel van mijn raam is de isolatie herleid tot nul en dringt iedere preek, applaus en lied mijn kamer in. Het gemoed wisselt. Van innemend tot opzwepend. Van rustig naar intens en weer terug. Op uitnodiging van Jeanine ga ik mee. Ze kleedt zich nog vlug om en verschijnt in een helblauw geborduurd kleed met passende hoofd-tooi. Ik word onmiddellijk verwelkomd in 3 talen. Vooraan leest iemand gebeden voor, de gelovigen staan te wiegen en zingen heal-the-world-achtige-liedjes. Jeanine zingt met haar schelle stem een beetje vals. Maar \'t is heel puur. En daardoor heel mooi. Soms wordt het tempo in het midden van het lied opgedreven door een synthesizer tsakka-boem-boem-ritme om op het einde weer stil te vallen. Ze bedanken God omdat hij goed voor hen zorgt, ze bedanken Hem voor hun familie en vrienden. Deze mensen met hun bijzondere geschiedenis zijn niet verbitterd maar dankbaar. Ik vind het heel aangrijpend.


Kleine bijna-dood-ervaring. De situatie is als volgt: ik moet om 17u30 in Remera zijn om een huis te bezoeken. Ik spring op een moto-taxi en weg zijn we. Nogal gezwind. Enkele honderden meters verder krijgt de motard politie-instructies om aan de kant te gaan. De motard negeert en 2 seconden later komt er een politie-jeep recht op ons afgereden! Wij, nog steeds gezwind, schieten allebei een beetje in paniek. Aaaaaargh!! De moto komt net voor de jeep tot stilstand. Oh jee. Wanneer de politie ziet dat er een muzungu wordt vervoerd mogen we zonder probleem verder. Bekomen van de schrik, arriveer ik heelhuids in Remera. De macadam stopt en de weg naar beneden gaat over in een rode, aarden weg. Langs de kant winkeltjes met groenten en fruit en gsm-kaarten. Het huis valt goed mee! Ruim, licht, goeie keuken, internet, een tuin en binnenkort een hond! \'t Is een volkse leuke buurt waar ik wel zou kunnen aarden. Ik heb nog 1 andere optie op \'t oog maar ik denk dat we een winner hebben..

 

\'s Avonds spreek ik nog \'s af met Xavier. Ik sjees helemaal de andere kant op naar Nyamirambo. Voor ik op de moto stap vraag ik met aandrang om voorzichtig te rijden. Wanneer de chauffeur merkt dat ik enkele woorden Rwandees spreek, wil deze een rit op de moto combineren met een mini taalles. Thanks but no thanks. Kijk maar gewoon voor u. Xavier en ik belanden in een eethuisje naast de lokale scoutslokalen, ik voel me meteen thuis, en ik eet de beste brochetten ooit!

 

Morgen krijg ik Bart op bezoek. Een vriend van een collega van mijn zus. Benieuwd welke dolle verhalen die te vertellen heeft.. 

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!